Het bezoeken van een heavy-metal concert vind ik een aangename bezigheid.
Omdat het behoorlijke ruige muziek is, hul ik me dan ook in mijn ruigste outfit.
Kapot spijkerjack en broek en ik gooi mijn haar los (tegenwoordig nogal makkelijk, pas kortgetrimt).
Tja, je wilt er toch een beetje bijhoren.
Als ik dan om me heen kijk ben ik trouwens niet de enige middelbare, die
zijn best doet om niet uit de toon te vallen.
Het stinkt er enorm naar wiet en een gewone sigaret is wel het minste wat erbij hoort.
Da’s een probleem, want ik rook helemaal niet.
Vindingrijk als ik ben, steek ik dan een pakje chocoladesigaretten
in het borstzakje van mijn kapot spijkerjasje.
Nog net zichtbaar is de sticker “roken is dodelijk” die ik erop heb geplakt.
Zo, nu hoor ik er echt helemaal bij.
Het volk wat op een heavy-metal band afkomt, is niet bepaald bioscooppubliek.
Dan steekt het volgende probleem de kop op, letterlijk.
Iedereen zit netjes op zijn plaats, maar meteen als de eerste noten gespeeld
worden, springt iedereen overeind, en dat blijft de rest van het concert zo.
Omdat ik 1.75 meter lang ben en het publiek om me heen, wat een
stuk jonger is, minimaal 10 cm langer is, zie ik geen flikker.
Bij het laatste concert van Metallica had ik mijn schoenen met
blokhakken van 10 cm aangetrokken.
Ik had ze op zolder gevonden waar ze al 35 jaar lagen.
Eigenlijk sloeg het nergens op, heavy-metal outfit en schoenen
uit de nichtenrock-periode van de seventies.
Maar ik had er schijt aan, want ik heb alles goed kunnen zien…..
836 x Gelezen / Reageer / bekijk reacties (8) / Geplaatst op: 29-10-2009 12:02:49 |